OVER ONS

  • Het KIM Forum voor Reflectie op Journalistiek, voorheen Katholiek Instituut voor de Media, heeft als doel het bevorderen van bezinning op de rol van de journalistiek in de democratische samenleving. De behoefte aan die bezinning neemt toe nu het vertrouwen in zowel de democratie als de journalistiek onder druk staat.

    Reflectie op Journalistiek start met klassieke vragen die opnieuw actueel zijn geworden. Hoe zouden professionele journalisten zich moeten onderscheiden van goed- of kwaadwillende amateurs, influencers of activisten? Welke nieuwswaarden zijn wezenlijk en verdienen meer gewicht in de huidige praktijk? Welke rol speelt (beroeps)ethiek bij de dagelijkse dilemma’s? Waarin moet journalistiek verschillen van amusement, literatuur, propaganda of PR? Wat is in de netwerksamenleving nog het doel van journalistiek? Hoe willen we journalistiek definiëren? Dit soort vragen zal in de komende jaren centraal staan in de activiteiten en financiering van het KIM Forum voor Reflectie op Journalistiek.

  • Voorzitter Nico Drok
    Dr. Nico Drok is voorzitter van het KIM. Hij is emeritus lector Media & Civil Society (Hogeschool Windesheim) en vicevoorzitter van de Wereldraad voor Journalistiek Onderwijs (World Journalism Education Council). Hij is ruim 40 jaar werkzaam geweest in het journalistieke onderwijs, onder andere als directeur van de opleiding journalistiek in Kampen/Zwolle. Daarnaast is hij meer dan een kwarteeuw actief geweest in de European Journalism Training Association, onder meer als president.


    Bestuurslid Martha Riemsma
    Martha Riemsma is directeur van het Algemeen Nederlands Persbureau (ANP). Daarvoor werkte ze als zelfstandige in haar bedrijf ‘The Art of Conversation’ als dagvoorzitter, programmamaker, podcastmaker en adviseur in mediazaken. Ze was daarvoor acht jaar hoofdredacteur van de Twentsche Courant Tubantia (DPG Media). Na haar studie Toegepaste Communicatiewetenschap, werkte Martha bij verschillende regionale kranten waaronder De Haagsche Courant en was zij als innovatiemanager verantwoordelijk voor innovatie en digitalisering van de regionale dagbladtitels van uitgever Wegener. Ze is sinds 2023 voorzitter van het bestuur van de Tegel.


    Bestuurslid Sanne Tamboer
    Dr. Sanne Tamboer is assistant professor (Wageningen University and Research) en doet onderzoek naar hoe mensen omgaan met nieuws. In haar onderzoek kijkt ze bijvoorbeeld naar constructieve journalistiek, hoe nieuws te brengen voor kinderen, en op welke manieren we tegenwoordig op de hoogte blijven. Ze promoveerde (2023, Radboud Universiteit) op hoe we jongeren beter kunnen stimuleren om kritisch om te gaan met nieuws. Haar onderzoek is onder andere gepubliceerd in wetenschappelijke tijdschriften zoals Journalism, Journalism Practice, en Journal of Children and Media.


    Bestuurslid Annette Embrechts
    Drs. Annette Embrechts is vanaf 1998 als dans- en theaterjournalist verbonden aan de Volkskrant en vanaf 2018 ook aan de redactie van Theatermaker en Theaterkrant. Ze levert regelmatig bijdragen aan diverse publicaties over podiumkunsten, zoals Dans Magazine en het Vlaams E-tcetera. Sinds seizoen 2021/2022 is ze vast kringlid bij het wekelijkse Radio-1-programma Goed Ingelichte Kring van Chazia Mourali. Ze participeert regelmatig in jury’s en adviescommissies (bijv. Commissie Theater Amsterdam Fonds voor de Kunst). Annette studeerde wiskunde en filosofie aan de Katholieke Universiteit Nijmegen.

    Bestuurslid René Sommer
    René Sommer, hoofdredacteur KRO-NCRV. Studeerde Journalistiek aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Journalistieke carrière gestart bij het Rotterdams Dagblad. Vervolgens op de redactie van RTL Nieuws gewerkt. Daarna als eindredacteur aan de slag gegaan bij de talkshow Barend & Van Dorp. Nadien jarenlang voor diverse omroepen gewerkt. Publiceerde samen met Bob Bronshoff de boeken Mijn beste vriend en 14 songs, het Amerika van Bruce Springsteen. In 2010 in dienst getreden bij KRO-NCRV. Sinds 2022 hoofdredacteur van de afdeling Journalistiek.


    Secretaris Henri Geerts
    Henri Geerts is sinds 2001 secretaris van het KIM, Forum voor Reflectie op Journalistiek. Hij studeerde theologie in Nijmegen en werkte onder meer bij de Katholieke Raad voor Kerk en Samenleving, het Centrum voor Wetenschap en Levensbeschouwing van Tilburg University en is nu werkzaam voor Europarlementariër Mohammed Chahim.

  • Het Katholiek Instituut voor de Media (KIM) ontstond zestig jaar geleden als opleidingsinstituut voor jonge journalisten. Het voornaamste doel was het betrekken van studenten en docenten journalistiek bij de brede discussie over de maatschappelijke rol van de journalistiek. Dat doel is ruim 75 jaar hoog in het vaandel blijven staan. De geschiedenis van het KIM (1948 – heden) kan in retroperspectief worden weergeven in drie perioden van elk pakweg 25 jaar. Die worden hieronder in omgekeerde volgorde kort besproken.


    De derde periode (2000- 2025)
    Het KIM-Debat was in de periode tussen 2000 en 2025 jarenlang het jaarlijkse podium van het KIM Forum voor Reflectie op Journalistiek, waarin studenten, journalisten en andere geïnteresseerden samenkwamen om actuele thema’s rond journalistiek te bespreken. In 2025 heeft het Forum de structuur van het debat als kernactiviteit beëindigd en de focus verlegd naar het financieel ondersteunen van reflectieve initiatieven, essays en andere vormen van maatschappelijke dialoog.
    Daaraan voorafgaand, in de periode sinds 2000, heeft het KIM zich bewezen als Forum voor Reflectie op de Journalistiek, door middel van lezingen en publicaties vooral voor de journalistieke beroepsgroep en voor studenten en docenten journalistiek. In de lezing van VRT-journalist Luc Pauwels (2023), bijvoorbeeld, stond de reflectieve vraag centraal of de gevestigde nieuwsmedia hun werk nog wel goed doen. Geconstateerd werd dat het niet in alle opzichten goed gaat met de Nederlandse en Vlaamse journalistiek en het waarschijnlijk tijd wordt dat de gevestigde nieuwsmedia hun routines aanpassen en het pad van de snelle en haastige journalistiek verlaten.
    Vanwege de Covidepidemie vonden er in de jaren tussen 2020 en 2022 geen lezingen plaats. Daarom werd een essay-reeks in het leven geroepen, die gepubliceerd is in het vakblad Villamedia. Die essays bieden thematische beschouwingen die in lijn staan met de onderwerpen van de debatten en lezingen in de jaren ervoor. In de diverse bijdragen wordt onder meer gekeken naar onderliggende waarden voor een eigentijdse journalistiek en naar politieke keuzes die de journalistiek maakt of zou moeten maken. Zo bepleit de Europarlementariër Mohammed Chahim een journalistiek die aandacht schenkt aan de gevolgen van klimaatverandering voor de meest kwetsbaren in de samenleving. Een overzicht van de essays is hier te vinden.

    In de jaren daarvoor waren vele gerenommeerde sprekers uit binnen- en buitenland te gast. Zo besprak Tom Rosenstiel in 2016 de volgende essentiële vragen: Wie zullen winnen: media met de sterkste inhoud of media met de beste neus voor het gedrag van gebruikers? Wie domineren momenteel het nieuwe journalistieke landschap, en wie in het volgend decennium? Nemen internetgiganten straks journalistieke organisaties volledig over? En hoeveel misverstand schuilt er eigenlijk in de slogan ‘iedereen is journalist’?
    In 2013 pleitte Jeff Jarvis voor een journalistiek die heel goed rekening houdt met de eisen die het internet stelt aan bedrijven. Hij stelde dat een vliegtuigmaatschappij inmiddels in feite een website is met vliegtuigstoelen; een hotel in feite een website met kamers. Maar, zo vroeg hij zich vervolgens af, wat is een journalistiek bedrijf dan? In het internettijdperk moet de journalistiek zichzelf volgens hem niet meer zien als de enige of zelfs maar de belangrijkste toegangspoort voor actuele kennis.
    In 2009 ging Nick Davies in op de wijze waarop grote internationale nieuwsorganisaties zich bepaald niet aan morele standaarden houden en hoe ze soms tot propaganda-instrumenten zijn verworden. Op basis van zijn boek Flat Earth News bood Davies een ontluisterende kijk op de wereld van de grote nieuwsorganisatie, waarin het de meerderheid van de journalisten niet is toegestaan onderzoek te doen of grondig feiten te checken. Daardoor is de journalistiek volgens Davies een tot in de kern corrupte professie. Andere gastsprekers in deze periode waren onder anderen Alexander Münninghoff, die duidelijk maakte hoezeer ook de persoonlijke geschiedenis van de journalist van invloed is op de journalistieke keuzen die hij of zij maakt, en John Allen die vanuit zijn positie als journalist bij het Vaticaan een inkijk gaf in hoe een religieuze organisatie zich met wisselend succes inspant om ook in de moderne wereld van betekenis te zijn.
    Naast lezingen en publicaties heeft het KIM ook een bijdrage geleverd aan de bevordering van de wetenschap. In de jaren 2008-2010 was Ben Knapen namens het KIM bijzonder hoogleraar Media en Kwaliteit aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Verschillende KIM bestuursleden droegen in de afgelopen tien jaren bij aan de wetenschap in de vorm van

    proefschriften:

    • Harmen Groenhart (2013), Publieksverantwoording als prille journalistieke prioriteit. Radboud Universiteit Nijmegen.

    • Kees Buijs (2014), Regiojournalistiek in Spagaat. De kwaliteit van het redactieproces in de regionale journalistiek. Radboud Universiteit Nijmegen.

    • Taco Rijssemus (2014), Het journalistieke weten. Over de objectiviteit van betrokken journalistiek. Universiteit Utrecht.

    • Sanne Tamboer (2023), Understanding and Stimulating Early Adolescents’ News Literacy Application. Radboud Universiteit Nijmegen.

    De Tweede Periode (1968 – 2000)
    Vlak voor de eeuwwisseling maakt het KIM de publicatie mogelijk van het volumineuze boek ‘Tot vrijheid geroepen. Katholieken in Nederland 1945-2000’ (Ten Have, Baarn 1999). Bij wijze van slotapotheose biedt dit boek een eigentijdse geschiedenis van de katholieke cultuur en katholieke organisaties in de naoorlogse periode. Het geeft een uitgebreide terugblik op de veranderende plaats van katholieken in de Nederlandse samenleving, teweeggebracht door onder meer ontwikkelingen binnen de kerk, in de politiek, maar ook in de media en de literatuur, via de bijdragen van katholieke schrijvers als Reve, Nooteboom en Kellendonk.
    Bij de presentatie in 1999 werd een groots symposium georganiseerd dat ook aandacht besteedde aan het vijftigjarig bestaan van het KIM. Het verslag van dat symposium is gepubliceerd onder de titel “Het Informatieparadijs”, onder redactie van Huub Evers en James Stappers, beiden bestuursleden van het KIM. De bundel vormde een verkenning van hoe media, cultuur, godsdienst, kerk en levensbeschouwing aan de vooravond van een nieuw millennium op elkaar inwerken. Met terugwerkende kracht is deze bundel ook te beschouwen als een definitief afscheid van de katholieke zuil met haar katholieke media. Tijdens studiedagen en conferenties in de jaren zeventig werden onderwerpen besproken als: “De pastor en zijn omgang met de massamedia”. Wie de periode 1968 -2000 van wat grotere afstand bekijkt, ziet dat het KIM zich geleidelijk ontwikkelde tot een meer geseculariseerd bezinningscentrum voor de massamedia. Het KIM wilde een ontmoetingspunt zijn tussen wetenschap en praktijk. De katholieke kerk en de specifiek katholieke cultuur raakten geleidelijk wat meer op de achtergrond. Er werden algemeen toegankelijke studiebijeenkomsten en conferenties belegd, er was contact en overleg tussen leidinggevende personen van uiteenlopende massamedia, en er werden opdrachten gegeven voor het schrijven van wetenschappelijke studies. De ruimere interpretatie van de doelstelling kwam tot uitdrukking in de naam: Stichting Katholiek Instituut voor Massamedia in plaats van Instituut voor de Katholieke Journalistiek.

    De eerste periode (1948-1968)
    In de naoorlogse periode was Nederland aanvankelijk niet bepaald welvarend en werd de samenleving nog gekenmerkt door een structuur van levensbeschouwelijke zuilen. Geen wonder dat in Katholieke kring in de tweede helft van de jaren veertig de vooroorlogse gesprekken om te komen tot een instituut voor de perswetenschap weer werden opgepakt. Dat leidde in 1948 tot de oprichting van het Instituut voor de Katholieke Journalistiek, de voorloper van het KIM. Dit was gevestigd bij de Katholieke Universiteit Nijmegen. Katholieke dagbladredacteuren en –directeuren waren er nauw bij betrokken, evenals vertegenwoordigers van de Katholieke Universiteit Nijmegen en de Katholieke Radio Omroep. Belangrijke initiatiefnemers waren de heren Schlichting (De Tijd) en Lücker (De Volkskrant). Slichtings’ naam bleef lange tijd het verbonden aan een lezingenreeks van het instituut. De eerste directeur was J. Nieuwenhuis die deze functie tot 1969 vervulde.

    Eveneens in 1948 werden te Amsterdam de Stichting Instituut voor de Perswetenschap aan de Universiteit van Amsterdam en de Stichting de Nederlandse Persbibliotheek opgericht. Bij deze laatste stichting waren prof.dr. Baschwitz initiatiefnemer, in samenwerking met prof. Post, de rector magnificus van de RK Universiteit Nijmegen.

    Van 1948 tot 1968 verzorgde het Instituut voor de Katholieke Journalistiek een 2-jarige cursus journalistieke vakbekwaamheid, in het bijzonder gericht op de katholieke pers van die tijd. In 1966 ging in Utrecht de School voor Journalistiek van start, die conform de inmiddels vigerende ontzuilingsgedachte was opgezet als een zogeheten ‘vleugelschool’ voor alle gezindten. Als gevolg hiervan werd de cursus van het Instituut voor de Katholieke Journalistiek stopgezet, net als die van het Instituut voor Perswetenschap aan de Universiteit van Amsterdam.

    Het beëindigen van de cursus, op dat moment vrijwel de enige taak en doelstelling van de stichting Instituut voor de Katholieke Journalistiek, maakte een heroriëntatie op de eigen werkzaamheden noodzakelijk. Het doel van de stichting werd gewijzigd in: ‘‘Het bevorderen van studie en werkzaamheid op het gebied van de middelen der massakommunikatie, in het bijzonder t.a.v. vraagstukken op levensbeschouwelijk terrein en die met godsdienstige ethische of sociale beginselen samenhangen.’’

    Tot slot
    Het KIM voert tegenwoordig zijn werkzaamheden uit met behulp van een bescheiden vermogen dat hem toeviel toen twee van oudsher katholieke Limburgse dagbladen – De Nieuwe Limburger (regio Maastricht) en Limburgs Dagblad (regio Heerlen) – werden overgenomen door de Telegraaf. Een klein deel van de aandelen van deze Limburgse dagbladen was in handen geweest van een stichting (‘Veritas’) die moest toezien op de redactionele koers na de Tweede Wereldoorlog, waarin beide kranten steun verleend hadden aan de bezetter. De samenwerking tussen KIM en de stichting Veritas kreeg eind jaren negentig van de vorige eeuw zijn beslag en daarmee ook de bestemming van de aandelenopbrengst.